Wanner je kind hoogbegaafd blijkt

Ik schrijf veel over het moederschap en over de niet zo roze wolk. Maar soms wil ik ook mijn eigen verhaal met jullie delen. Gewoon, omdat ik het belangrijk vindt, dat jullie zien dat ik ook maar gewoon een moeder ben. Die maar wat aanklooit. Met dezelfde struggles als iedere andere mama. Eigenlijk zijn het grotendeels de struggles van Livia, onze oudste dochter die ik met jullie wil delen.

Het mentale stuk had blijkbaar prioriteit

Livia is 5,5 jaar oud en zit in groep twee van de basisschool. Al sinds de peuterschool, krijgen wij te horen dat haar motoriek achterloopt op dat van haar leeftijdsgenootjes. Livia liep pas bij 22 maanden. Lopen kan je het eigenlijk niet eens noemen, ze rende van de een op de andere dag ineens door het huis. Ik voelde me flink gepiepeld. Al die maanden heb ik je gedragen en nu ineens kan je niet alleen lopen, maar ook rennen? Nu snappen we inmiddels hoe dit komt, maar toen stonden we met open mond te kijken.

Nu was het ons dus ook wel opgevallen dat Liv motorisch wat langzamer was,  maar wij besteedden hier niet zoveel aandacht aan. Omdat ze met anderhalf jaar al volzinnen sprak en wij dachten: dit is duidelijk waar haar aandacht naartoe gaat: het mentale stukje. Dat motorische komt vanzelf wel. Alleen, bleef dat motorische stuk wel achter vergeleken met haar mentale ontwikkeling. Dat laatste ging met sprongen vooruit.

Ze heeft een motorische stoornis

Ook toen Livia naar de basisschool ging, kregen we van haar juf te horen: ”Livia beweegt heel houterig en heeft X-benen.” De keer erna zei de juf tijdens het tien minutengesprek: ”We denken dat Livia een motorische stoornis heeft. Jullie moeten met haar naar de fysio.” Wij vonden dit een vrij heftige uitspraak, maar wilden hier wel gevolg aan geven. Dus troonden we naar de fysiotherapeut. Deze heeft Livia uitgebreid getest op zowel fijne, als grove motoriek. Uit alle testen bleek dat ze niet alleen prima benen had, maar ook geen motorische stoornis had. Continue reading

Als je tijdens je zwangerschap non-stop overgeeft

Bijna iedere zwangere vrouw is wel een beetje misselijk tijdens haar zwangerschap. Bij velen is dit vaak een van de eerste symptomen, waaraan moeder herkent dat ze zwanger is. Een beetje misselijkheid, hoort erbij, zeggen ze? Maar wat, als je zo ontzettend misselijk bent, dat je constant moet overgeven, in overtreffende trap? Of als je zelfs geen slok water meer binnenhoudt? Deze moeders lijden aan hyperemesis gravidarum (afgekort HG). Dit syndroom zorgt ervoor, dat moeders soms zelfs zo ontzettend ziek zijn, dat ze enkel in een donkere kamer zonder prikkels kunnen verblijven of opgenomen moeten worden in het ziekenhuis gedurende de rest van hun zwangerschap.

Een cliënt van mij verwoordde het als volgt: ”Ik voelde me vaak eenzaam en onbegrepen. Mentaal was het een echte strijd. Ik was bang dat ik niet van ons kindje zou kunnen houden. Gelukkig was het overgeven na de bevalling meteen over.“

De cijfers liegen er niet om

De cijfers geven weer dat 0,5 tot 2 procent van de moeders, last heeft van hyperemesis gravidarum. Dit is naar schatting tussen de 2000 en 4000 vrouwen per jaar. De echte cijfers zullen waarschijnlijk hoger liggen, omdat niet iedere zwangere naar de huisarts stapt of om hulp vraagt. Want: “een beetje misselijkheid hoort erbij.” Of de altijd leuke: ”Je bent zwanger, niet ziek.” Dit soort opmerkingen hoor ik vaak van cliënten in mijn praktijk. Ze voelen zich niet serieus genomen of zelfs een aanstelster, als ze dit soort opmerkingen naar hun hoofd geslingerd krijgen. Laten we een ding voorop stellen: deze HG mama’s klagen of overdrijven niet. Ze zijn vaak intens ziek en niet alleen in het eerste trimester van hun zwangerschap. Nee, vaak tot en met de bevalling aan toe. Continue reading

Mooi nieuws: ik ga ook zwangere  vrouwen zonder roze wolk begeleiden

Sinds ik Frou Frou Begeleiding ben gestart, heb ik al veel moeders mogen helpen die na de bevalling niet op een roze wolk zitten. Het voelt nog steeds onwerkelijk en tegelijkertijd levensecht, dat ik dit werk mag doen, na alles wat ik zelf heb meegemaakt. Ik voel me zo dankbaar!

Steeds meer vraag

Gedurende de afgelopen jaren, kwam steeds vaker de vraag: begeleid je ook moeders die in hun zwangerschap al niet op een roze wolk zitten? Dit deed ik wel, maar was niet de standaard. Omdat de vraag steeds vaker komt en ik via social media steeds meer om hulp gevraagd wordt, heb ik besloten om mijn werkzaamheden als therapeut uit te breiden

Zwangeren zonder roze wolk begeleiden

Vanaf nu ga ik ook moeders begeleiden die in de zwangerschap al niet op een roze wolk zitten. Of dit nu moeders zijn die gewoonweg niet lekker in hun vel zitten of onzeker zijn, mama’s die eerder een postpartum depressie hebben meegemaakt. Of de mama’s die iets ingrijpends meemaken tijdens hun zwangerschap: een overlijden, baanverlies, HG, HELLP. Of de moeders die meerdere miskramen of doodgeboren kindjes hebben gekregen. Alle moeders zijn welkom in mijn praktijk. Continue reading

De belangrijkste dingen die ik leerde toen ik voor de tweede keer moeder werd

Zoals de meesten van jullie waarschijnlijk wel weten, heb ik na de geboorte van mijn oudste dochtertje Livia, een postpartum depressie doorstaan. Dit was de moeilijkste en zwaarste tijd uit mijn leven. Ik had toendertijd dan ook nooit kunnen denken, dat ik ooit nog aan een tweede kindje zou durven te beginnen. Ik was doodsbang voor een herhaling van zetten en dacht niet dat ik ooit die behoefte zou voelen.

Ik ga iets geks zeggen

Het tegendeel bleek waar. Out of the blue zei ik op een dag tegen mijn man: ”Ik ga iets heel geks zeggen. Maar volgens mij wil ik een tweede kindje.” Waarop hij zei: ”Dan ga ik nu ook iets heel geks zeggen: ”ik ook!” En daar zaten we dan. Naast elkaar hand in hand met ene grote glimlach op de bank. Ik had het geluk, dat ik de tweede keer heel snel zwanger werd. Vol ongeloof staarde ik naar de zwangerschapstest in mijn handen. Minutenlang, staarde ik naar de test met vlinders in mijn buik en een giga smile op mijn gezicht. Ik maakte mijn man wakker en vertelde hem het blije nieuws. De negen maanden erna, vlogen voorbij.

Gentle sectio

De tweede keer moeder worden was een heel andere ervaring. De bevalling van Emmi was een geplande sectio, dus dat vond ik een verademing na mijn eerste traumatische ervaring bij Liv. Ik wist waar ik aan toe was, ik kon van te voren oppas regelen voor mijn oudste en dat voelde heel rustig. Ik telde de weken af en toen het eindelijk oktober was, zei ik tegen mezelf: Yes! Dut is de maand waarin ons kindje geboren wordt! Hoeveel horrorverhalen ik had gehoord over keizersnede, dit bleek allemaal niet op ons van toepassing. Ik vond een gentle sectio een hele mooie ervaring en heb alle details tot op de dag van vandaag in mijn geheugen gegrift staan.

Minder heftig

Hoe wereld verschuivend de eerste keer moeder worden was voor mij, dat heb ik de tweede keer niet zo ervaren. Ik was niet zo de kluts kwijt als de eerste keer. Ik voelde wel meteen onvoorwaardelijke liefde voor Emmi, maar was niet zo van de kaart als toen. Ik wilde Emmi non-stop bij me houden en met haar knuffelen. Begrijp me niet verkeerd, ik was nog steeds een ware hormonella en vond het wederom een enorme rollercoaster. Maar ik vond het niet zo heftig als bij de eerste keer.

Minder zin in kraambezoek

Daarnaast merkte ik, dat ik kraambezoek veel makkelijker buiten de deur hield. Waar ik bij de oudste nog op alles en iedereen ja zei, dacht ik nu: heb ik hier zin in? Dan: ja, kom gezellig langs. Zo niet: dan graag over een paar weken. Ik kon veel beter mijn grenzen aangeven. Het werd ook door iedereen geaccepteerd en begrepen, tot mijn opluchting. Ik had vooral veel behoefte om als gezin lekker samen te cocoonen en aan de nieuwe situatie te wennen. Iets waar ik bij Livia amper de tijd voor had en kreeg. Dit vond ik zo’n verschil!

Tijd voor mezelf

Ook vond ik het makkelijker om tijd voor mezelf vrij te plannen. Het schuldgevoel kon ik dit keer makkelijker relativeren en dus zorgde ik ervoor dat ik regelmatig even alleen de deur uit ging. Al was het maar om even een paar rompertjes te scoren in de stad. Of een snelle kop koffie te doen met een vriendin. Toen ik voor de eerste keer moeder werd, deed ik dit nooit. Het kwam niet eens in me op. Want mijn kind achterlaten Qua equivalent aan een slechte moeder zijn. Dankzij mijn toenmalige psycholoog, leerde ik dat het oké is om af en toe even “Tilda” te zijn, in plaats van  “mama Tilda” Wat een verademing!

Grootste eye opener

Het grootste leermoment van een tweede kindje krijgen vond ik, dat al mijn zorgen of ik wel evenveel van mijn tweede zou kunnen houden als van mijn eerste, al heel snel verdwenen. Ik heb me hier tijdens de zwangerschap vrij druk om gemaakt en ook om het feit of grote zus het wel zo leuk zou vinden. Mijn man snapte hier geen snars van. Die dacht: Livia gaat het fantastisch vinden. Waar maak je je druk om? Goede uitspraak ook, tegen een zwangere met rondrazende hormonen, maar dat daar gelaten. Onze oudste is nogal gevoelig dus ik vreesde dat ze zich buitengesloten of minder belangrijk zou gaan voelen. Dit alles bleek gelukkig helemaal niet het geval en dat was een enorme opluchting voor mij als moeder.

Wat ik tenslotte nog wil vertellen is, dat als je al een kindje hebt en die wordt grote broer of zus, het het mooiste is wat er is, om die twee samen te zien. Een kusje op het hoofdje van je kleine baby, of die twee handjes in een. Die momenten koesterde ik enorm en nog steeds. Inmiddels zijn we bijna twee jaar verder en slaan ze elkaar regelmatig de hersens in. Maar die begin periode vergeet ik nooit meer.

Wil je hulp?

Ik merk dat veel moeders ook na het krijgen van een tweede of derde (vierde, vijfde, enzovoorts) kindje last kunnen krijgen van een postnatale depressie. Dus bevind je je momenteel op alles behalve een roze wolk en denk je: leuk dit verhaal, maar dit gaat niet over mij. Weet, dat je niet de enige bent. Er zijn veel meer moeders die na het krijgen van een tweede kindje, vastlopen na de bevalling en steun in de rug nodig hebben. Wil je hier hulp bij, mail dan naar info@froufroubegeleiding.nl. Samen gaan we werken aan jouw herstel en dat je je weer lekkerder in je vel gaat voelen.

Dit zijn de 7 grootste onwaarheden over het moederschap

Op het moment dat je moeder wordt, komt er heel veel op je af. Het is een soort lawine die bestaat uit: onverwachtse gebeurtenissen, ontelbaar veel conversaties over poep (frequentie, substantie en kleur), slaapgebrek, hormonen en een algehele cultuurshock. Tegelijkertijd, verwonder je je al hangend boven je baby, hoe jullie dit perfecte wezentje hebben kunnen maken en loop je over van liefde voor je kindje.

Je kan je nog zo goed voorbereiden op het moederschap. Als het eenmaal zover is, is het echt andere koek. Niemand kan je hier eigenlijk op voorbereiden. Het moederschap is alsof je eindexamen doet voor iets, waar je nooit een gedegen opleiding voor hebt gehad. Van te voren heb je allerlei ideeën over hoe het zal zijn als je straks mama bent. Ik vertel je hier de zeven grootste onwaarheden over het moederschap:

  1. Het moederschap is alleen maar leuk. Ik denk dat dit een van de meest voorkomende denkfouten is met betrekking tot mama zijn. Niemand, vindt ouder zijn alleen maar leuk. Waarom? Omdat het soms hartstikke zwaar is en pijnlijk en confronterend. Ja, je houdt van je kindje. Natuurlijk ben je dankbaar dat je een kindje hebt gekregen. Ja, je vindt je kindje de leukste, liefste en knapste baby die er bestaat! Maar wordt het daarmee ook meteen minder zwaar? Nee! En dat is dus helemaal prima.

 

  1. Als je kindje er is, herken je hem of haar meteen. Dit is echt niet altijd het geval. Sommige ouders moeten enorm wennen aan het feit dat hun baby er is. Vaak lijkt de baby op papa, waardoor mama denkt: ik weet niet, hoor. Maar, waar zijn mijn genen gebleven? Vaders vinden het sowieso een vrij abstract gebeuren. Die hebben eerst urenlang naar hun lijdende vrouw zitten kijken en hebben druk met washandjes gedept. Om dan ineens zo’n klein baby’tje de wereld in gelanceerd te zien worden. Het kan echt even duren, voordat dat allemaal geland is. Dat hoort erbij!

 

  1. Alle baby’s zijn van nature goede slapers. Nee! Echt, dit is zo’n flauwekul. De meeste baby’s hebben een omgekeerd dag- en nachtritme. Dit komt doordat ze in de baarmoeder lekker heen en weer werden gewiegd, als jij overdag in de weer was. Dan deinden ze lekker mee in jouw buik en sliepen ze. ‘s Nacht, daarentegen, werden ze wakker en begon het trappelfestijn. Dus als je baby eenmaal geboren is, is dat dag en nachtritme, echt niet zomaar omgedraaid. Dat heeft gewoon tijd nodig dus geef je kindje en jezelf die tijd. Goed ’s nachts doorslapen, verschilt per kindje. Maak er alsjeblieft geen strijd van. Uiteindelijk gaan ze allemaal doorslapen en vraagt niemand op de 18e verjaardag van je zoon of dochter: ”Zeg, bij welke leeftijd sliep jij eigenlijk door?”

 

  1. Alle moeders weten meteen wat ze doen, zodra ze moeder zijn geworden. Dit is zelden het geval, kan ik je vertellen. De meeste mama’s’; moeten enorm wennen aan hun moederrol. Hier komt een hoop onzekerheid bij kijken. Want het kijkt allemaal zo makkelijk, als je het van een afstandje bekijkt, voordat je moeder wordt. De meeste moeders worstelen hier enorm mee. Sommige mama’s die in mijn praktijk komen, vragen regelmatig: “hoe doen al die andere mama’s dit?” Mijn antwoord is steevast: “Die doen ook maar wat.” Echt. We klooien allemaal maar wat aan.” Inclusief ondergetekende!

 

  1. “Ik word echt niet zo’n moeder die nooit haar haren wast/in joggingbroek en Uggs naar buiten gaat/vier dagen in dezelfde outfit loopt/vul zelf in.” Ik weet nog goed, toen ik zelf net moeder was geworden. Met een reeks hechtingen en een hematoom ter grootte van mijn vuist, kon ik niet zitten, niet lopen. Ik kon alleen maar liggen. Toen ik eenmaal naar buiten kon, liep ik in iets wat niet schuurde, trok of pijn deed. Dat was de joggingbroek van mijn man. Heerlijk! Ik wilde hem nooit meer uitdoen. Omarmen die hap! Ooit loop je weer in je lievelingsjurk op hakken. Maar niet meteen na de bevalling.

 

  1. Alle moeders moeten borstvoeding geven. Ik weet dat ik hiermee een heet hangijzer adresseer. Maar, ik vind dat we van het gepush omtrent borstvoeding af moeten. Als je als mama al niet op een roze wolk zit, is het niet lukken van de borstvoeding vaak de laatste druppel die de emmer doet overlopen. Uit wetenschappelijk onderzoek is bewezen, dat als borstvoeding faalt, de kans op een postpartum depressie verdubbeld. Als het wel slaagt, halveert het de kans, dus dat is dan weer fijn Ik ben dan ook zeker voorstander van het geven van borstvoeding. Om alle belende redenen. Mits, (en dit kan ik niet genoeg onderstrepen) moeder zich hier goed bij voelt en het haar eigen keuze is. Niet door druk van de maatschappij, de opgelegde mening van andere moeders, of hulperveleners. Dit is haar eigen keuze, no matter what!

 

  1. Iedere moeder is meteen helemaal happy na de bevalling. Dit komt uiteraard voor, maar echt niet bij elke mama. Sommige moeders moeten enorm wennen aan hun nieuwe rol als moeder. De enorme verantwoordelijkheid, de hormonale disbalans en het slaapgebrek eisen vaak hun tol. Ze willen het allemaal graag goed doen en leggen de lat vaak hoog voor zichzelf. Dit zorgt voor veel druk onder nieuwbakken moeders, die soms kan resulteren in een gevoel van falen, ik ben niet goed genoeg, ik ben niet de perfecte moeder, etc. De niet zo roze wolk komt veel vaker voor dan men denkt en het wordt tijd dat het taboe van dit onderwerp af gaat. Een op de drie moeders zit niet op een roze wolk. Dat is heel erg veel, dus dit onderwerp verdient alle aandacht die het kan krijgen!

 

Ben je of ken je een moeder die na de bevalling niet lekker in haar vel zit en die wel een steuntje in de rug kan gebruiken? Mail dan naar info@froufroubegeleiding.nl. Samen gaan we werken aan jouw herstel en meer zelfvertrouwen in je rol als moeder. Want dat verdien je! Echt!

Een rectus diastase is geen kattenpis

Ik dacht dat ik na de TVT operatie wel klaar zou zijn met de herstelwerkzaamheden aan mijn  lichaam, na twee zwangerschappen. Ik verlies inmiddels niet meer bij elke beweging vocht, dus dat was al enorme winst, zullen we maar zeggen. Helaas kreeg ik drie maanden geleden uit het niets hele gekke klachten, Van de een op de andere dag, had ik zoveel pijn in mijn bekken en onderrug, dat ik nog amper kon lopen. Ik schrok me te pletter. Allereerst, sport ik een paar keer per week en ben ik (dacht ik) top fit. Twen tweede, vroeg ik me af waarom ik nu net zoveel pijn had, als tijdens de bekkeninstabiliteit in mijn laatste zwangerschap? Ik bedoel, ik ben niet zwanger, dus waar kwam dit dan in hemelsnaam vandaan? Ik belde de fysio en die kwam meteen aan huis.

Leunend op hem, strompelde ik het huis door. Langzaam aan de achtertuin in. “Blijven bewegen, niet gaan liggen dan wordt het erger”, zei hij luid en duidelijk. Ik strompelde weer verder door de achtertuin aan de arm van mijn man en was oprecht bang. Stevende ik nu weer af op die rolstoel, net als toen? En waar kwam dit in godsnaam ineens vandaan? Ik vond het een beangstigend gevoel dat mijn lijf me ineens zo in de steek liet, terwijl ik er juist alles aan deed om het sterker te maken.

De pijn werd niet minder, dus ging ik op aanraden van mijn man naar het ziekenhuis. Daar kreeg ik een CT-scan en bleek ik een flinke rectus diastase te hebben. Dit houdt in, dat je buikspieren niet meer aan elkaar vast zitten. Hierdoor ontstond er bij mij een enorme druk op mijn bekken en onderrug. Omdat onze jongste zoveel spookte ’s nacht, was ik veel op met haar. Door de vermoeidheid til je dan vaak net even verkeerd en zo was mijn onderrug en bekken totaal overbelast geraakt. Omdat mijn buikspieren dus niet mee deden! Ik had zoveel pijn, ik kon mijn eigen kinderen haast niet meer optillen. Continue reading

Hoe ik mijn eerste internationale boekendeal tekende

Terwijl ik mijn boek “Toen kreeg ik weer lucht” aan het schrijven was, woonden wij tijdelijk in Amerika. Mijn man was daar bezig om de hand- en pols chirurgie te onderzoeken en zijn kennis hierover dan weer over te dragen aan zijn collega’s in Nederland. Ik nam mijn laptop overal mee naartoe en schreef van de Eastcoast tot the Westcoast van Amerika aan mijn boek. Ik weet nog goed, hoe ik over de Skyline van Boston uitkeek, met mijn laptop op schoot. Ik voelde me even heel erg Carrie, uit Sex and the City. Ik droomde ervan om mijn boek ooit ook in het buitenland uit te kunnen brengen. Ik had gen flauw benul hoe dat überhaupt in zijn werk zou gaan, maar de droom was er.

Bumpy ride

Ik denk dat toen het zaadje in mijn hoofd geplant is, om de volgende stap, die ik nu ga zetten, te ondernemen. Want een onderneming was het. Überhaupt, om een internationale uitgever te vinden die mijn boek wilde uitgeven. Tegenwoordig is het zelfs zo’n gekkenhuis in de Amerikaanse uitgeverswereld, dat je een zogenaamde “agent” moet hebben, die dan vervolgens je manuscript (de eerste versie van je boek) aan een uitgever mag aanbieden. Ik wist uiteraard niet hoe ik aan zo’n agent moest komen en voelde de moed al in mijn schonen zakken. Vervolgens ben ik nog een keer of zestig afgewezen, je kan wel zeggen, dat het een bumpy ride was.

You’ve got mail!

Maar, toen ineens, was daar de mail van “The Dreamwork Collective!” Ze mailden heel enthousiast terug, dat ze mijn boek heel interessant vonden en heel erg blij waren met mijn mail. Ik kon mijn ogen bijna niet geloven. Ik had nog maar de helft van mijn boek vertaald en naar hen opgestuurd, dus als ze dit al leuk en goed vonden, kon het verder vast alleen maar meevallen. Het proces wat volgde was lang en vroeg veel van mijn geduld en uithoudingsvermogen. Mensen die mij goed kennen, weten dat ik niet perse de meest geduldige persoon op aarde ben. Al het geduld wat ik inmiddels heb aangeleerd door mijn rol als mama, is puur aangekweekt. Dat kwam niet van nature, kan ik je vertellen.

Maar nu,  veertien maanden later, mag ik het dan eindelijk van de daken schreeuwen: mijn boek wordt in heel Amerika en de Verenigde Arabische Emiraten uitgegeven!!! In april 2020 om precies te zijn! Ik ben zo ontzettend blij en trots dat ik dit mag doen. Mijn ultieme missie is, om zoveel mogelijk moeders te helpen! Dat kan ik nu nog meer gaan doen, omdat mijn boek wereldwijd wordt uitgegeven!

Wereldwijd probleem

Waar wij ook heen gaan op onze reizen. Als ik vertel wat ik voor werk doe, zeggen moeders zo vaak: waar was jij toen ik je nodig had? De niet zo roze wolk is universeel, kunnen we wel stellen. Overal ter wereld zitten moeders niet op een roze wolk. Sterker nog, er zitten jaarlijks 265 miljoen vrouwen wereldwijd in een postnatale depressie. Dat is een gigantische hoeveelheid! Dus, ik ben heel erg blij dat ik een steentje mag bijdragen aan dit probleem en dat ik met mijn werk als therapeut en met mijn boek, deze moeders kan gaan helpen.

Internationaal Instagram account

Ik kan het enerzijds amper bevatten, dat dit echt gaat gebeuren. Anderzijds komt het nu heel erg binnen. Ik heb ook een internationaal Instagram-account aangemaakt. Hier kan je alles vinden, omtrent mijn internationale boek en wat er verder gaat gebeuren. Ik zou het super leuk vinden om jullie daar ook te ontmoeten! Uiteraard blijft mijn Nederlandse Instagram-account  gewoon bestaan en schrijf en vlog ik daar gewoon door in het Nederlands. De komende maanden zullen bestaan uit het herschrijven van mijn boek en het toevoegen van meer materiaal. Ik ben zo benieuwd naar het eindresultaat! Ik hou jullie de komende maanden natuurlijk op de hoogte van alle ontwikkelingen.

Nieuwe podcast!

Ook nam ik een podcast op met mijn man over de meest voorkomende ongelukken met kinderen, die hij tegenkomt als traumachirurg op de eerste hulp. Daarnaast geeft hij tips aan ouders van jonge kindjes, over hoe je hier als ouders het beste mee om kan gaan. Tevens vertelt hij uitgebreid over hoe het er in het ziekenhuis aan toe gaat, als je kindje op de SEH beland of bijvoorbeeld geopereerd en dus opgenomen moet worden in het ziekenhuis. Je luistert de podcast hier.

Meer informatie?

Wil je meer informatie over mijn werk of wil je zelf graag hulp bij het feit dat je niet op een roze wolk zit? Mail dan naar info@froufroubegeleiding.nl

Een postpartum depressie bestaat niet

Ik vind het te zot voor woorden, dat ik hier een artikel over moet schrijven, maar ik doe het toch.

Onlangs verscheen in de Volkskrant een artikel over hoe een huisarts omschreef, hoe ze door meer betrokkenheid een betere hulpverlener kon zijn. Een prachtig artikel, waar ik me helemaal in kon vinden. Toen ik tegen beter weten in, de reacties ging lezen, viel ik van de ene verbazing in de andere. Een postpartum depressie zou niet bestaan. Het is een mythe. Niet te bewijzen. Dat werk. Continue reading

Als je na een postnatale depressie weer zwanger wordt

Ik weet het nog zo goed. Ik hield voor de tweede keer in mijn leven een zwangerschapstest in mijn handen. Vol ongeloof staarde ik ernaar. Ik kon niet geloven dat ik deze keer zo snel zwanger was. Bij de oudste hebben we er ruim anderhalf jaar over gedaan. Dit keer was het binnen twee maanden raak. Ik voelde me vervuld van geluk en dankbaarheid. Maar ook angstig. Want hoe zou het dit keer gaan? Zou ik weer een postnatale depressie krijgen? Of zou het dit keer anders gaan? Ik verlangde er zo naar om dit keer wel een positieve ervaring te mogen hebben. Ik riep mijn man uit bed en vertelde hem lachend ons mooie nieuws: Livia zou een broertje of een zusje krijgen.

In de weken die volgden kreeg ik de ene zwangerschapskwaal na de andere. Dat is het een uitdaging, als je al een opstandige peuter hebt rondlopen en mama om de haverklap ziek, zwak en misselijk is. We hebben het daarom na de eerste echo al verteld. Omdat Liv een heel pienter meisje is en ze allang doorhad dat er wat aan de hand was. Ze reageerde dolblij en trok meteen mijn trui omhoog om te kijken waar mijn dikke buik was. Die was er toen niet, maar dat hebben we later ruimschoots ingehaald. Continue reading

Waarom intrusies je juist wél een goede moeder maken

Je kent deze gedachte vast: je staat op het perron op de trein te wachten. In de verte zie je de trein in rap tempo naderen. Even denk je: zal ik ervoor springen? Even snel, als deze gedachte kwam, is hij weer voorbij. Je stapt de trein in en bent hem alweer vergeten. Dit soort gedachten heten intrusies. Deze zogeheten “dwanggedachten” heeft ieder mens in kleine of grotere mate. Moeders die van zichzelf angstig zijn aangelegd, hebben deze gedachten vaker dan andere moeders.

Als ik haar nu loslaat, is ze dood

Ik had ze na de bevalling ook heel veel. Zo liep ik op en dag met mijn baby over een brug. Ineens dacht ik: ”als ik de kinderwagen nu loslaat, dan is ze dood.” Ik schrok me kapot. Waarom denk ik dit soort dingen nu ineens, dacht ik. Ik moet wel een hele slechte moeder zijn! Ik durfde het aan niemand te vertellen, zo erg schaamde ik me hiervoor. Daar bovenop kwam nog een flinke dosis schuldgevoel, want welk goed denkend mens, heeft nu dit soort gedachten? Ik dacht dat als ik dit zou delen, ze me ter plekke zouden komen halen en opsluiten in een gesloten inrichting. Na maanden worstelen, durfde ik het eindelijk in therapie te vertellen. Continue reading