Een postpartum depressie bestaat niet

Ik vind het te zot voor woorden, dat ik hier een artikel over moet schrijven, maar ik doe het toch.

Onlangs verscheen in de Volkskrant een artikel over hoe een huisarts omschreef, hoe ze door meer betrokkenheid een betere hulpverlener kon zijn. Een prachtig artikel, waar ik me helemaal in kon vinden. Toen ik tegen beter weten in, de reacties ging lezen, viel ik van de ene verbazing in de andere. Een postpartum depressie zou niet bestaan. Het is een mythe. Niet te bewijzen. Dat werk. Continue reading

Hoe mindfulness je uit je postpartum depressie kan halen

Toen ik midden in mijn postpartum depressie zat, dacht ik dat dit nooit meer over zou gaan. Omdat ik er met bijna niemand over praatte, had ik het gevoel dat ik de enige moeder op aarde was, die dit onderging. Daarnaast dacht ik ook nog eens dat ik de uitzondering op de regel was, dat ik nou net die ene mama was waarbij dat oer-gen, dat oer-gevoel van het moederschap, totaal ontbrak. De onzekerheid, de angsten en de enorme depressieve gedachten slokten mijn hele bestaan op. Hoe doen al die andere moeders dat, vroeg ik me dagelijks af.

Mijn toenmalige therapeut raadde me mindfulness aan. Omdat het nogal een geitenwollensokken imago had, dacht ik dat mindfulness iets was voor mensen met geitenwollensokken in hun Birkenstocks. Niks mis met Birkenstocks trouwens, ik draag ze graag en met verve. Affijn, mindfuless had dus een vrij stoffig imago. Ik had er weinig verwachtingen van. Wat achteraf gezien, eigenlijk vooral in mijn voordeel werkte. Ik begon me in te lezen en hoe meer ik erover las, hoe meer ik me realiseerde dat mindfulness eigenlijk voor iedereen goed zou zijn. Niet alleen voor moeders zonder roze wolk. Inmiddels, ben ik er van overtuigd dat als de hele wereld een snufje minfulness tot zich zou nemen, de wereld er heel anders uit zou zijn. Een stuk leuker en vriendelijker in ieder geval. Continue reading

Wat te doen als je een bevaltrauma hebt

Veel moeders die bij mij in de praktijk komen, hebben een pittige bevalling achter de rug. Ik spreek zelden vrouwen, bij wie de bevalling zoals in het boekje is gegaan. Dat vind ik sowieso een rare uitdrukking, want wat betekent dit eigenlijk? En via welk boekje? Natuurlijk, zijn er ook moeders bij wie dit wel het geval was en bij wie de bevalling wel goed is verlopen. Dit artikel is voor de moeders, waarbij dit niet het geval was. De mama’s die een trauma hebben overgehouden aan hun bevalling en daar tot op de dag van vandaag nog last van hebben.

Moeder worden is a big deal. Voor sommige moeders is het al hun hele leven duidelijk, dat ze moeder wilden worden. Voor de ander kwam dit gevoel pas veel later en bij weer een andere moeder komt dit gevoel misschien wel nooit helemaal uit de verf. Is dat erg? Welnee! Je doet je best als mama, niks meer en niks minder. Als de bevalling dan na negen maanden eindelijk op gang komt, zijn de meeste vrouwen enorm blij dat het zover is. Die laatste weken zijn voor de meeste zwangeren vaak erg zwaar en ze kijken dan reikhalzend uit naar het moment dat ze hun baby eindelijk vast mogen houden. Meestal heb je van te voren een bevalplan geschreven samen met je man, wat je hebt overlegd met je verloskundige of gynaecoloog. Hierin beschrijf je vaak wat je wel en juist niet wil, tijdens je bevalling. Bij mij was dit bijvoorbeeld, dat ik geen co-assistent aan mijn bed wilde, maar een ervaren en empathische verloskundige. Ervaren was ze, empathisch: mwah. En ik kreeg een co-assistent aan mijn bed. Need I say more?

Dat bevalplan had ik dus net zo goed niet kunnen schrijven, dacht ik achteraf. Continue reading

Waarom intrusies je juist wél een goede moeder maken

Je kent deze gedachte vast: je staat op het perron op de trein te wachten. In de verte zie je de trein in rap tempo naderen. Even denk je: zal ik ervoor springen? Even snel, als deze gedachte kwam, is hij weer voorbij. Je stapt de trein in en bent hem alweer vergeten. Dit soort gedachten heten intrusies. Deze zogeheten “dwanggedachten” heeft ieder mens in kleine of grotere mate. Moeders die van zichzelf angstig zijn aangelegd, hebben deze gedachten vaker dan andere moeders.

Als ik haar nu loslaat, is ze dood

Ik had ze na de bevalling ook heel veel. Zo liep ik op en dag met mijn baby over een brug. Ineens dacht ik: ”als ik de kinderwagen nu loslaat, dan is ze dood.” Ik schrok me kapot. Waarom denk ik dit soort dingen nu ineens, dacht ik. Ik moet wel een hele slechte moeder zijn! Ik durfde het aan niemand te vertellen, zo erg schaamde ik me hiervoor. Daar bovenop kwam nog een flinke dosis schuldgevoel, want welk goed denkend mens, heeft nu dit soort gedachten? Ik dacht dat als ik dit zou delen, ze me ter plekke zouden komen halen en opsluiten in een gesloten inrichting. Na maanden worstelen, durfde ik het eindelijk in therapie te vertellen. Continue reading

Waarom het gras aan de overkant altijd groener lijkt

Je kent het wel. Je bladert door je dagelijkse Instgram feed. De ene gelukzalige foto na de andere komt voorbij. Je ziet allemaal glamourmoms, fitmoms, or happy moms met de hastags: #happy #blessed #lovemylife. Je ziet foto’s van mooie opgemaakte moeders, altijd lachende baby’s en er is geen vuiltje aan de lucht. Althans, dat lijkt zo. Je denkt bij jezelf, zie je: mijn leven stelt weinig voor. Ik ben niet zo’n glamoureuze mama. Mijn haar is al dagen niet gewassen, in al mijn leuke kleding zitten vlekken en ik heb continue strijd met mijn partner. Waarom kan het in mijn leven niet zo gaan, als bij haar?

Het probleem zit hem niet in de picture perfect foto’s op social media. Het probleem zit het in het feit, dat je bedacht hebt, dat het bij die andere moeders zoveel beter gaat dan bij jou. Je vergelijkt jezelf met iemand die je waarschijnlijk niet eens persoonlijk kent. Je kijkt naar die persoon en denkt: zo’n leven wil ik ook. Je voelt jezelf tekort schieten, je ervaart jaloezie, misschien zelfs wroeging. Is dat erg? Nee! Maar, het is wel zonde. Omdat je namelijk helemaal niet weet hoe het er achter de schermen bij die betreffende persoon aan toe gaat. Continue reading

Borstvoeding of flesvoeding; het is altijd jouw keuze

 

Borstvoeding versus flesvoeding is een heet hangijzer onder moeders. Ik heb er in mijn boek “Toen kreeg ik weer lucht”, ook al een hoofdstuk aan gewijd. Er zijn een hoop moeders die worstelen met de keuze: ga ik borstvoeding of flesvoeding geven? Omdat ze het allerbeste willen voor hun kindje en zo graag een goede moeder willen zijn.

Hoe sneu is het dan, als borstvoeding niet lukt? Omdat het teveel pijn doet of omdat er simpelweg niet voldoende melk uit komt? Deze net bevallen moeders voelen zich enorm schuldig en ervaren een gevoel van falen. Want al die andere moeders lukt het toch ook? Waarom lukt het mij dan niet? Ook wordt er vaak gezegd dat kunstvoeding minder goed zou zijn als flesvoeding. Wie heeft dat bewezen, vraag ik me dan af? Het feit dat hele massa’s chinezen ’s morgens vroeg al in de rij staan om de pakken Nutrilon naar hun thuisland te exporteren, zegt denk ik al genoeg. Onze flesvoeding is van topkwaliteit. Er zitten ook een hoop andere voordelen aan kunstvoeding: je kan ‘s nachts een keer doorslapen, omdat je partner de nachtvoeding doet. Je kan een keer de deur uit, omdat je niet perse thuis hoeft te zijn om je kindje te voeden. En nee, dan ben je dus geen ontaarde moeder. Dat is volkomen normaal. Continue reading

Hoe kom je als mama uit je postnatale depressie?

Je had het je van te voren allemaal zo mooi voorgesteld. Voordat je ging bevallen zag je al helemaal voor je hoe je wiegend in je schommelstoel, je kindje zou gaan voeden. Zachtjes drinkend aan je borst, snuffelend aan het hoofdje. Je zag jezelf al helemaal op die roze wolk zitten samen met je gezin. Dagdromend over de toekomst, wrijvend over je dikke buik op de bank.

Maar dan blijkt, dat het na de bevalling toch niet zo lekker gaat. Je voelt je eigenlijk helemaal niet zo happy. Sterker nog: je vraagt je regelmatig af waar je aan begonnen bent. Of dit het nou is, het moederschap. Of je het allemaal wel aan kan en of je wel een goede moeder bent. Je zit niet op een roze wolk, maar op een donkergrijze donderwolk. Je bent kapot moe door de gebroken nachten. Wellicht loopt de borstvoeding niet en draait je hele leven om voeden, kolven, nog meer voeden en hopen dat je baby tussendoor een uurtje slaapt. De hormonen razen ondertussen door je lijf en je relativeringsvermogen is door een historisch dieptepunt gedaald.

Je vraagt je dagelijks af: hoe doen andere moeders dit? Gaat het hen dan wel zo makkelijk af en ben ik de enige die zich zo voelt? Het antwoord is nee! Andere moeders doen ook maar wat. Om het beestje maar gewoon bij het naampje te noemen: we klooien allemaal maar wat aan. Ja echt! De onzekerheden die je als nieuwbakken moeder voelt, zijn heel normaal. Mijn eerste advies is dan ook: ga erover praten. Met je partner, een goede vriendin, je moeder, of de buurvrouw. Deel je onzekerheden en angsten, dat haalt al wat druk van de ketel. Je zal merken dat zij allemaal wel iemand kennen die na de bevalling ook niet op een roze wolk zat Continue reading

Waarom spanning laten gaan een must is

Je kent het gevoel wel, stramme schouders, soms het gevoel alsof er een band om je hoofd zit gespannen. Of je hebt vage rugklachten, waarvan je niet weet hoe je eraan komt. Herkenbaar? Dit is opgebouwde spanning die zich ergens in je lijf manifesteert. Eigenlijk is dit een schreeuw om aandacht vanuit je lichaam. Omdat je te ver bent gegaan en de spanningen zich teveel hebben opgebouwd. Zowel in je hoofd als in je lijf.

Het mentale proces wat hier aan vooraf is gegaan, heb je waarschijnlijk niet eens opgemerkt. Je bent zo druk met je dagelijkse to do list, dat je chronisch in de doe-modus zit. Gas op die lollie en doorgaan. Soms lijken de dagen net als de film “Ground Hog Day”, ze lijken allemaal op elkaar en gaan soms, voor je gevoel,  naadloos in elkaar over. Herkenbaar?

Je leeft eigenlijk in de overlevingsstand en dit moet stoppen. Je hebt zoveel spanning in je hoofd en lijf, dat je als een te strak gespannen snaar, bijna op knappen staat. Deze spanning is niet goed voor je. Dit klinkt als een enorme open deur. Toch zijn er moeders die maanden, soms jaren blijven doorlopen met dit probleem. Deze moeders merken de spanningen wel vaag op, maar doen er vervolgens niks mee en leiden hun leven alsof ze geen keuze hebben. Maar die keuze heb je wel! Het is eigenlijk heel simpel: kies voor jezelf. Zet jezelf op de eerste plek, in plaats van je werk, je overvolle sociale agenda. Focus op wat goed voelt voor jou en je gezin en volg dit gevoel. Tot het bittere einde, zou ik eigenlijk willen zeggen. Want niemand wil zich zo gespannen voelen, toch? Continue reading

Waarom de lat wat lager mag

Ik heb altijd al moeder willen worden. Al sinds ik op vierjarige leeftijd met mijn pop “Lieselot” door het huis sleepte. Ik zorgde niet alleen voor mijn pop, ook voor mijn knuffels, mijn Barbies en later voor mijn zusje. Dat verzorgende heeft denk ik, altijd in me gezeten. Ik had in mijn hoofd een ideaalbeeld gecreëerd van hoe het moederschap zou moeten zijn. Er was een soort romantisch beeld ontstaan van hoe het zou zijn, om het leven van een moeder te leiden. Zittend in een schommelstoel met een slapende baby in mijn armen, Terwijl ik liedjes neuriede en gelukzalig naar mijn baby staarde.

Reality check

Des te harder was de realiteit, toen ik na de bevalling van mijn oudste kindje helemaal niet bij dit ideaalbeeld leek te kunnen komen. Ik bleef ernaar zoeken, elke dag, maar ik kon het niet vinden. De deceptie was alles omvattend. Ik snapte niet waar mijn roze wolk bleef. De fameuze roze wolk waar iedereen me over verteld had, waarover ik talloze keren had gelezen. Waar was hij? Ik bleef er naar zoeken en des te meer ik perfectie nastreefde, des te meer de teleurstelling kwam opzetten. Mijn leven bestond niet uit roze wolk momenten na de geboorte van mijn oudste. Mijn leven bestond uit angsten, depressieve gedachten en een hele hoop teleurstellingen.

Door het slaapgebrek en de hormonen, kon ik niet meer relativeren. Ik vroeg me steeds af of onze dochter niet een betere moeder verdiende. Of ik überhaupt wel dat moeder-gen in me had. Een oer-moeder voelde me ik allerminst. Het was zo intens zwaar, om me constant zo tekort te voelen doen. Ik legde de lat mega hoog voor mezelf en stelde mezelf constant teleur. Daarnaast had ik het gevoel dat ik ook mijn kindje en mijn man ontzettend tekort deed. Het was enorm zwaar en een hele beladen periode in mijn leven. Continue reading

Waarom je nooit meer op dieet moet gaan!

Ik heb zolang ik me kan herinneren eigenlijk altijd al gestruggeld met eten. Of niet eten. Daar wil ik vanaf zijn. Op mijn zesde kwam ik in een klas terecht waar een enorme pestkop de klas bestierde. Zij besloot dat ik dik was, dus de rest van de klas besloot dit ook. Ze terroriseerde de hele klas en iedereen was bang om ook gepest te worden. Vanaf dat moment werd ik gebombardeerd tot “dik varken”. Vanaf toen, werd ik me heel bewust van mijn lichaam. Ik keek met een andere en vooral meer kritische blik naar mezelf. Een blik die ik de 29 jaar die volgden, niet meer heb kunnen loslaten.

Mijn uiterlijk werd steeds belangrijker

Was ik daadwerkelijk te dik? Welnee. Ik was een gezond meisje, wat danste en bewoog. In haar eentje elastieken in de achtertuin van mijn oma, want vriendjes of vriendinnetjes had ik eigenlijk niet. Naarmate de jaren vorderden, werd me steeds meer duidelijk hoe “belangrijk” uiterlijk eigenlijk voor mij geworden was. Dat kwam enerzijds door de puberteit en anderzijds door de wereld die zich op televisie en in de magazines waar ik een abonnement op had, werd geportretteerd. Popfoto, Yes, Hitkrant. You name it en ik las het. Ik zag alleen maar dunne meiden en wilde er net zo uitzien als hen. Met mijn prachtige maat 38, voelde ik me niet slank genoeg. Hoe zonde denk ik nu! Ik zou een moord doen voor maat 38.

Het jo-jo-effect maakte zich van mij meester

Op een gegeven moment ontdekte ik de dieet mentaliteit. Ik kon afvallen! Het begon onschuldig. Beetje op mijn eten letten en voor ik het weet, vlogen de kilo’s eraf. Toen ik begon te studeren, ontdekte ik pasta en pesto. O en tiramisu. Ik kan wel zeggen dat ik de Italiaanse keuken met volle overgave geconsumeerd heb. All of it! De kilo’s kwamen er in rap tempo bij en ik baalde daar vervolgens weer van. Dus ik besloot weer te gaan afvallen. Met Weight Watchers dit keer. De kilo’s vlogen eraf. Het leek wel magie! Beetje punten tellen, beetje opletten en daarbij sporten en hoppakee: daar ging ik weer een kledingmaat omlaag. Dat zich ondertussen het jo-jo effect had ingezet, merkte ik niet eens. Ik kwam aan en viel weer af. Dat was nou eenmaal zo. Story of my life. En ik ging weer verder met mijn leven. Ik hoorde mezelf wel eens zeggen: ”ik heb levenslang met diëten.” Toch ging er nog geen belletje bij mij rinkelen. Continue reading